gelezen: Jeremia 4, 23-25 en Jeremia 33, 10-16
toespraak Franck Ploum
1.
‘De nieuwe wereld worstelt om geboren te worden’, zo schreef de politiek filosoof Antonio Gramsci vanuit de gevangenis in 1930, toen hij door het fascistische regime in Italië was vastgezet. Hij beschouwde de crisis van de jaren dertig als een tussentijd tussen de oude en de nieuwe wereld. Maar hij hield zich vast aan het idee dat er een nieuwe wereld op komst was.
De oude wereld sterft en de nieuwe wereld worstelt om geboren te worden. In die tussentijd moeten we alert blijven. Want dat is de tijd dat er redeloze zielen van diverse snit kunnen opstaan om al wat menselijk is onder de voet te lopen. Maar Gramsci was ervan overtuigd dat je als mens en als volk staande kunt blijven en weerbaar, zolang je vasthoudt aan dat visioen van die nieuwe wereld die geboren wil worden.
‘Redeloze zielen van diverse snit’. Het is niet heel ingewikkeld daar in onze tijd, bijna 100 jaar na Gramsci, namen bij te bedenken. Overal waar je kijkt wordt de menselijkheid onder de voet gelopen. Van de Trumps, de Netanyahu’s en de Erdogans, tot de bendeleiders in Afrikaanse landen en de Poetins. Het is inmiddels een lijst waar nauwelijks nog een einde aan komt. Ja zelfs ons eigen land kunnen we opnemen in het rijtje. Een land zijn we geworden waar bestuurders moeten worden beveiligd om hun werk te doen, lokale raadsleden zwichten voor de terreur van de anti-AZC-stem. En er mensen opnieuw door de straten van Den Haag trekken met foute vlaggen onder het mom ‘mars voor vrijheid’. Mensen die vervolgens opgepakt worden omdat ze zichzelf niet durven tonen en zware wapens bij zich dragen. Allemaal gemotiveerd door redeloze politici van diverse snit. ‘Mars voor vrijheid’, wiens vrijheid? Welke vrijheid? De vrijheid om de menselijkheid onder de voeten te lopen. Om de ander onder de voeten te lopen.
Tegelijk noemen deze groepen en redeloze zielen zich vaak de verdedigers van onze christelijke waarden, de waarden van ons Avondland. En veelal worden deze waarden dan verdedigd tegen migranten of vluchtelingen. Zelden worden ze verdedigd ten voordele van de vluchteling, waartoe dat bijbels verhaal steevast oproept.
Paus Leo werd door een Amerikaanse orthodoxchristelijke journalist bevraagd, omdat de r.k.kerk de waarden van pro-life zou moeten verdedigen. Maar in de VS had iemand een kerkelijke onderscheiding gekregen, terwijl hij in bepaalde gevallen voorstander is van abortus. Waarop de paus antwoordde: kijk, als je tegen abortus bent, maar de inhumane migratiepolitiek van de regering Trump steunt, wanneer je tegen abortus bent maar tegelijk de wapenindustrie de vrije hand geeft, dan ben je pro-geboorte, maar dan ben je niet pro-life.
Wellicht is dat ook de denkfout. Je kunt waarden niet verdedigen, je kunt christelijke waarden niet verdedigen door mensen tegenover elkaar te zetten of mensen af te rekenen op striktheid in de leer. Je kunt waarden alleen omzetten in daden en ze zichtbaar maken door ze voor te leven. Dan krijgen ze uitstraling en overtuigingskracht.
2.
Is het nog mogelijk om dat visioen van een nieuwe wereld vast te houden? Want dat de geboorte daarvan op z’n zachts gezegd een worsteling is, moge duidelijk zijn. We moeten alle zeilen bijzetten om erin te blijven geloven. Om ons heen kijkend zakt ons de moed eerder in de schoenen, dan dat we bemoedigd raken door hoopvolle tekenen. Door alle onleefbaarheid heen, is het speuren naar nog wat hoopgevende vonkjes van een nieuw begin. Wie ziet nog iets dat lijkt op die nieuwe wereld? Het lijkt soms niet eens een worsteling, maar een zinloze strijd. Woestheid en warboel, zou Jeremia zeggen (Jer. 4,23) is wat we zien. Interessant. We komen dat woordenkoppel ‘woestheid en warboel’, in het Hebreeuws Tohu wa-bohu, maar op twee plekken in de hele bijbel tegen: in Jeremia 4 en aan het begin van het scheppingsverhaal: In den beginne was de aarde woestheid en warboel Tohu wa-bohu.
En op beide plekken staat dat woordenkoppel voor de aankondiging van nieuw begin. Voor lichtwoorden, die ruimte scheppen juist wanneer mensen de nachten prijzen, zich vastklampen aan de duisternis en de steden zijn verworden tot onleefbare plekken waar geen mens en dier meer kan leven. Juist dan wordt er gesproken: Licht! En er was Licht (Genesis 1), juist dan klinkt er: de Ene is goed, voor eeuwig is zijn vriendschap (Jeremia). ‘In die dagen zal een spruit van gerechtigheid ontspruiten, die recht en gerechtigheid doen zal in het land’. Doen zal, niet verdedigen, maar doen zal, zichtbaar maken, de waarde van menselijkheid present stellen door het te doen!
Dus juist in de tussentijd, wanneer alles verloren dreigt te gaan, en redeloze zielen de menselijkheid ten onder laten gaan, zelfs ons eigen land woestheid en warboel is, vasthouden aan het visioen van die nieuwe wereld die worstelt om geboren te worden. Want een worsteling is het. We zien het om ons heen, en wellicht ook gewoon in ons eigen leven. Hoe lastig is het om niet toe te geven aan de woestheid. Hoe makkelijk lijkt het om ons neer te leggen bij de schijnbaar onontkoombare feiten van onleefbaarheid en chaos?
Roxanne van Iperen, jurist en schrijver, was afgelopen week te gast op de boerderij van Raven van Dorst. Ze vertelde over haar kinder- en jeugdtijd waarin alles fout ging wat fout kon gaan en er een situatie was van totale onveiligheid. En daarna maakte ze zelf ook de nodige verkeerde keuzes die opnieuw onveiligheid en chaos met zich meebrachten. En ze zei: mensen verwachten steeds maar dat je in je leven toch betere keuzes wilt maken dan de situatie waar je vandaan komt. Maar dat is juist niet waar, je kiest als mens meestal voor het bekende, voor wat je gewend bent, voor wat je kent en wat vertrouwd is, hoe slecht dat ook was of is.’ (Boerderij van Dorst 26 nov. 2025). Een keuze voor steeds weer warboel en woestheid, omdat je niet anders kent, of omdat het vertrouwd is. En hoe doorbreek je dan die vicieuze cirkel van duisternis? Wat heb je dan als mens nodig om daaruit te stappen? Een visioen? Een waardensysteem? Nee, dan heb je mensen nodig die dat visioen, of die dat waardenpatroon presentstellen, die het doen.
3.
Het visioen van een nieuwe wereld die geboren wil worden, raakt de tijd van advent en kerst in het hart. Vanouds de weken rondom het terugkerend licht, dat elk jaar opnieuw de duisternis verdrijft. En we hopen steeds maar weer dat dit seizoensbeeld ook werkelijkheid mag worden als het gaat over onze omgang met elkaar, in het klein, in het groot, in ons eigen leven, in elkaars leven en in ons samenleven hier en overal. Iets meer licht, voor iets meer mensen, dat zou al een hele stap in de goede richting zijn.
Waar wachten wij op? Wij wachten, of verwachten, of hopen op lichtwoorden in de chaos, wereldwijd en soms ook in ons eigen leven. Maar een passief wachten helpt ons daarbij niet verder. Die woorden kunnen we alleen ontvangen vanuit een actief wachten, een ‘in beweging komen’. We kunnen niet verwachten dat er veranderingen uit het niets komen. Het gaat niet vanzelf, wij moeten zelf in beweging komen, wij moeten ons actief voorbereiden op de aankomst (de adventus) van dat licht of die nieuwe wereld. Anders blijven we in duister gevangen.
En het ‘in beweging komen’ vraagt behalve presentstellen door te doen, soms ook strijd. En dan geen vrijheidsstrijd met foute vlaggen en wapens, geen vrijheidsstrijd ten koste van de vrijheid van anderen, maar krachtig verzet tegen de gangbare orde, de woestheid en de onmenselijkheid. Dat is wat de 23-jarig schrijver, dichter Asmae Amaddaou ons voorhoudt. Zij reikte ons, in een interview deze zomer in de Volkskracht, niet alleen de woorden van Gramsci aan, nee ze zet ons ook op het spoor van verzet.
Zij gebruikt als moslima en vrouw, haar werk als middel om te strijden tegen de genocide in Gaza en voor vrouwenrechten wereldwijd. Haar motivatie komt voort uit het besef dat de huidige wereldorde tijdelijk is, geïnspireerd door het citaat van Antonio Gramsci dat een nieuwe wereld worstelt om geboren te worden terwijl de oude sterft. Haar visie op verandering gaat verder dan symbolisch protest; soms is krachtig en zelfs radicaal verzet volgens haar noodzakelijk. Haar overtuiging is dat hoop houden een plicht is, vooral in het licht van actuele tragedies, terwijl pessimisme mensen die lijden respectloos voorbijgaat.
Met andere woorden: kiezen voor de gesloten cirkel van duisternis en chaos, omdat dit bekend is, helpt mensen die in de duisternis zitten en daaronder lijden geen stap verder. Sterker nog, het helpt ook onszelf niet verder. Want het houdt ons gevangen in de onleefbare steden en houdt ons verre van het visioen dat er wel volop levenskansen liggen om uit de kerkering van het land op te staan en te zeggen: de Ene is onze gerechtigheid (Jeremia 33,12+16). Waarom? Omdat de Ene ons op weg zet naar die nieuwe wereld. En ja dat is een worsteling. Maar het is ook die Ene, die met geestkracht ons voedt en in vriendschap, ontferming en trouw onze hoop blijft aanwakkeren dat het mogelijk is en het licht de duisternis zal keren.
Dat het zo moge zijn.
